Ik vind mezelf een leuke tante voor de kinderen van mijn vrienden. Maar maakt mij dat ook een geschikte moeder? Ik heb in ieder geval nog wel een hoop te leren.

De kleine van mijn vriendin was gisterochtend bij mij, omdat zij ceremoniemeester was van de bruiloft van een vriendin van haar. Ik zou dan later met hem komen en aan mij de vraag of ik hem zijn nette kleertjes aan wilde doen. Ik trok hem zijn broek aan en die zakte van zijn kont. En die muts van een vriendin had geen riem meegegeven. Ondanks dat ik geen geboren padvinder ben, kwam ik op het idee om een been van een panty af te knippen. Werkte prima, zijn broek zakte niet meer van zijn kont en mijn vriendin zou het later nog wel horen dat ik een panty kapot moest knippen. 😉 Maar wat blijkt… in een kinderbroek zitten tegenwoordig riempjes verborgen. Weet ik veel. De techniek van tegenwoordig.

De bruiloft was op het strand en ik was met de kleine van vijf en nog een ander kindje van vier op het strand. Ik had eventjes mijn schoenen uitgedaan omdat ik met ze aan het spelen was. Ineens liep hij met één van mijn schoenen de andere kant op en ik zag dat hij mijn schoen ging begraven. Ik wilde er achteraan gaan, maar toen ik mij omdraaide, was ineens het meisje weg. In echt een kwestie van luttele seconden. Dan stel je gelijk prioriteiten. Achter het meisje aan om te checken of ze naar binnen is gegaan en veilig bij haar vader is. Check. Daar was ze gelukkig. Ze kon ook niet veel andere kanten op hoor. Maar toch word je met de neus op de feiten gedrukt hoe snel het kan gaan dat een kind naast je staat en ineens weg is.

Eenmaal terug op het strand, had mijn kleine vriendje mijn schoen begraven en was richting een waterplasje aan het rennen. Ik achter hem aan en toen ik hem eenmaal te pakken had, moest ik hem zowat smeken mij te vertellen waar hij mijn schoen had begraven. Zie je het al voor je… een 37-jarige die smeekt bij een 5-jarige? Hij bleek helaas ook geen geboren padvinder te zijn, want hij had het graf van mijn schoen niet gemerkt met een schelpje of iets dergelijks.  Hij wist het dus niet meer. En daar stond ik dan… met één schoen in mijn hand en mijn andere schoen ergens in het zand begraven. Ik had wel ongeveer gezien waar het was, maar ik kan je vertellen… het strand is één grote zandbak. Het werd dus zoeken naar een speld in een hooiberg.

Toen kwam ik op het briljante idee om een spel te spelen met alle kinderen. Ik vertelde ze dat wij ergens een schoen hadden verstopt in het zand. En degene die de schoen zou vinden, zou een prijs winnen. Een bijdehand jochie vroeg wat er te winnen viel. Omdat ik daar nog niet over na had gedacht, zei ik dat het nog een verassing is. Hij wilde toch eerst weten wat er te winnen viel. Want als de prijs bijvoorbeeld een pop is, dan doet hij niet mee. Dat hoeft hij namelijk niet te winnen.

Vol van verbazing stond ik aan mijn eigen kindertijd te denken. De trots van het als eerste iets vinden is toch ook al een prijs, genaamd ‘eer van het winnen’. Nou, niet meer in 2015.

Met een paar kinderen die genoegen namen met het nog niet weten wat de prijs is, begonnen we te zoeken. Het was eigenlijk wel onbegonnen werk en ik had alle hoop op het terugzien van mijn schoen al verloren. En ineens hoorde ik een groepje kinderen blij op mij afrennen. Hetzelfde bijdehante joch rende met mijn schoen op me af: “gevonden, gevonden!” Halleluja… mijn schoen terug. Shit, ik heb geen prijs. Snel denken, snel denken. Ik voelde in mijn zak een briefje van vijf en heel pedagogisch overhandigde ik hem zijn geldprijs. Superblij en ergens lachend in zijn knuistje rende hij met zijn geldprijs weg en met zijn broertje er in volle vreugde achteraan.

En toen stond er ineens een ander groepje kinderen sip naast mij en vertelde mij dat hij die schoen helemaal niet had gevonden, maar dat een ander jongetje hem had gevonden. Ik zocht bevestiging bij het andere jongetje. “Is het waar dat jij mijn schoen hebt gevonden?” Hij zei dat hij het inderdaad had gevonden, maar dat het zo goed was. Wat een schat. Toch vond ik het niet eerlijk naar hem, want ik had gezegd dat de vinder een prijs zou winnen en het is mijn fout dat ik dat bijdehante jochie met zijn ondeugende sproetjes geloofde. Dus graaide ik in mijn zak en vond daar nog twee muntjes van twee. De jongen wilde het niet aannemen, maar ik stond erop. Ik was negen euro armer, maar de kinderen waren veilig en wel en ik had mijn schoen terug.

Om dit soort dingen kan ik overigens wel hartelijk lachen hoor. Ik hou wel van kinderen die kattenkwaad uithalen. Mijn ouders hebben het vroeger ook flink met ons te verduren gehad. Mijn broertje en ik hadden geleerd hoe we met verf een afdruk van je hand moesten maken. Met schoenenpoets lieten wij onze ouders zien wat wij hadden geleerd… alleen dan op alle muren in ons huis. Best jammer dat er geen foto’s van zijn. Op zo’n moment kan je als ouder wel huilen omdat je gillend gek wordt als je allemaal kinderhanden op je muur ziet, maar aan de andere kant is het toch ook humor en kan je er niet kwaad om worden. Een andere keer hadden mijn ouders net nieuwe meubels en wat denk je… met make up hebben we alles onder gekliederd.

Zo zijn er nog een hoop andere ‘leuke’ dingetjes die wij deden waarmee we van mijn vader een grijze postduif hebben gemaakt. Sorry paps en mams. Ook namens Johan.

Karma…. Ik ga er alvast vanuit dat mijn kind een ondeugende kleine gaat worden en dat hij of zij mij terug gaat betalen voor wat wij onze ouders ooit hebben aangedaan. Maar ik gok dat ik daar straks alleen maar van kan genieten.

Over de blogster: Ik ben Nathalie (37 jaar) en ik weet dat mijn leven niet compleet is als ik geen moeder ben. De liefde laat helaas nog even op zich wachten, maar mijn kinderwens niet en daarom neem ik het heft in eigen handen en ga ik alleenstaande moeder worden.